column_martijn

Mijn Mary

Met het boek op schoot besluit ik mijn aversie tegen lezen ten strijden te gaan. Ik lees nu eenmaal vaak tien keer hetzelfde regeltje en dat motiveert niet echt om aan een nieuw boek te beginnen.

Maar een boek als ‘Mary go Wild’ dwingt op voorhand respect af. 600 pagina’s, waanzinnig artwork en bovenal de onontkoombare trip to memory lane. Het is tof om zoveel geweldige verhalen vanuit diverse personages opnieuw te beleven, en eigenlijk beleef ik mijn eigen broederschap met het fenomeen ‘house’ hierdoor opnieuw.

Gek genoeg ben ik momenteel zelf bezig met het schrijven van een boek waarin ook de kracht van muziek en de daaraan gerelateerde scene een flink aantal hoofdstukken beslaat. De wereld van muziek is nu eenmaal een soort infinite game waarin je totaal verloren kunt raken door de constante updates, of waar je je ontzettend prettig voelt door het organische karakter daarvan.

Voor mij was er op jonge leeftijd maar een belangrijke fascinatie aan het gegeven van Dance muziek; de overgangen tussen platen waardoor ik ter plekke kippenvel kreeg. Ik moest en zou die kunst zelf ook onder de knie krijgen, want wat is er toch mooier dan mensen kippenvel bezorgen door de juiste plaatjes op elkaar te mixen? Precies ..

Veel geld had ik echter niet te besteden, maar met een bijbaantje als ‘auto voorwasser’ bij het lokale benzinestation kwam ik toch een heel eind. Ik kocht mijn eerste snaar aangedreven draaitafels tweedehands en bij ‘Twist & Shout’ in Utrecht kocht ik, na maanden lang te hebben gestaard naar dat ene mengpaneel, mijn eerste eigen mengpaneel; een Stageline Chorus.

Ik was de IT-nerd van de familie en had allang door hoe ik met modplayer over vier kanalen muziek kon afspelen en redelijkerwijs kon remixen. Mijn beltdrives waren alles behalve stabiel en het heeft me zeker een jaar gekost voordat ik een redelijk mixje kon afleveren. Lokaal kreeg ik steeds vaker een boeking en mijn producties die ik maakte met Impuls Tracker gingen iedere week op de post richting het adres van Rotterdam Terror Corps. Met de kerstdagen een kaart van Sjors, de man die al die feesten organiseerde in de Energiehal.. man wat was ik trots.

Het was tijd om te verhuizen, de IT-nerd in mij bleek van onschatbare waarde bij diverse bedrijven in het Rotterdamse. Een echte import Rotterdammer, dat werd ik. Maar mijn karakter en manier van denken en doen haakte feilloos aan bij deze toch wel ‘niet lullen maar poetsen’ –mentaliteit.

Parkzicht, de IT, Roxy, ik vond het allemaal prachtig. Zoveel smaken, zoveel culturen binnen diezelfde scene van House. Ik kon ook gewoon niet kiezen, ik moest en zou al deze muziek kunnen draaien en kocht me helemaal rot, iedere besteedbare gulden ging op aan platen. Daar ligt deels denk ik ook de kracht van het ‘allround’ kunnen draaien, geen oogkleppen ophebben en alles gewoon onderzoeken qua muziek releases. Uiteindelijk startte ik met mijn maatje Jay het concept Dymolution dat later DOTF zou worden. Het verhaal van Mijn Mary… want de ruimte ligt er altijd, je moet het alleen wel pakken en daarin vol overgave geloven in wat je doet, dan komt het wel goed.

Ik lees de eerste hoofdstukken van Mary, maar plots begint er wat te kriebelen. Super tof natuurlijk zo’n boek maar ik wil draaien! Zonder aarzelen loop ik de zoldertrap op, ik pak een zestal cuverbakken waarvan ik weet dat ze deze periode beslaan qua muziekstijl. In onze studio kijk ik kritisch naar het IKEA meubel waar ook zoveel vinylplaatjes staan opgeborgen. Ik weet dan al dat ik de volgende dag gezeur ga krijgen met de buren, ik neem mezelf voor om de monitors van de booth af te plakken zodat het niet uit de hand kan lopen.

Jezus, 1993 … serieus, zijn mijn plaatjes alweer zo oud? Nou goed, we zien wel waar het schip strandt.

Ik post op Facebook dat ik mijn tribute aan Mary ga doen, ik wil namelijk ook wat vertellen, niet zozeer met al teveel tekst en uitleg.

Nee, gewoon met mijn plaatjes…

  • Edstar

    Zo schrijf je een goede column. Ik had ook even last van een deja vu.

beatsessions.com essential dutch edm platform